Onze POH-ggz is onmisbaar, en dat weten ook Amsterdamse huisartsen

05-06-2026

Reactie van de Amsterdamse Huisartsenalliantie op het artikel ‘Geen gezondheidsverbeteringen van praktijkondersteuner huisarts-ggz’ (ESB, juni 2026)

Afgelopen week verscheen op nu.nl het bericht dat de POH-ggz niet effectief en niet efficiënt zou zijn, gebaseerd op het artikel ‘Geen gezondheidsverbeteringen van praktijkondersteuner huisarts-ggz’, gepubliceerd in het economenvakblad ESB. Het bericht haalde breed de media en riep daarmee ook verbazing op bij veel Amsterdamse huisartsen. Juist omdat zij in de dagelijkse praktijk ervaren welke rol de POH-ggz speelt voor patiënten, vinden wij dat deze discussie om meer context vraagt en niet onbeantwoord kan blijven.

Een onderzoek dat serieuze vragen oproept

Ook andere partijen in het veld hebben kanttekeningen geplaatst bij de conclusies van het onderzoek. De LHV, de LV POH-GGZ en de NVvPO reageerden en stelden vast dat het onderzoek is uitgevoerd door één onderzoeker, niet peer reviewed is, en dat onduidelijk blijft welke data op welke manier zijn gebruikt. Daarmee is volgens hen niet bekend of de resultaten van enige waarde zijn. Wij sluiten ons volledig bij die kritiek aan. Er bestaat ook eerder onderzoek dat laat zien dat de inzet van de POH-ggz kan bijdragen aan minder verwijzingen naar specialistische ggz.  Waaronder een studie van Dros e.a., gepubliceerd in Medisch Contact. Die tegenstrijdigheid verdient een serieus wetenschappelijk debat, en niet een conclusie die in één klap het bestaansrecht van duizenden zorgprofessionals ter discussie stelt.

Wat ook Amsterdamse huisartsen dagelijks zien

Juist daarom verbaast het veel Amsterdamse huisartsen dat nu de indruk ontstaat dat de POH-ggz ter discussie staat. In de dagelijkse praktijk ervaren huisartspraktijken de inzet van de POH-ggz juist als van grote waarde. Patiënten die eerder vastliepen tussen een te volle wachtkamer en een nog vollere GGZ-instelling, vinden nu bij de POH-ggz een eerste, laagdrempelig en persoonlijk aanspreekpunt. De POH-ggz signaleert, ondersteunt, begeleidt en verwijst op het juiste moment door. Hij of zij houdt mensen, letterlijk, overeind terwijl de wachttijden in de specialistische ggz oplopen tot maanden, soms een jaar of langer.

Dat de POH-ggz inmiddels vaak ook een belangrijke overbruggingsfunctie vervult, zegt vooral iets over de druk op het bredere ggz-systeem. Juist daarom is het goed om niet alleen naar één schakel te kijken, maar breder het gesprek te voeren over de inzet van middelen binnen de ggz als geheel. De oplossing daarvoor is niet het afschaffen van de eerste lijn, maar het versterken van de verbinding tussen eerste en tweede lijn, precies waar wij als alliantie hard aan werken.

Onze positie is helder

De Amsterdamse Huisartsenalliantie wil met kracht uitspreken: wij kunnen en willen niet zonder onze POH-ggz. Zij zijn geen overbodige schakel, maar een essentiële pijler in de mentale gezondheidszorg voor honderdduizenden inwoners. Wij vragen onze zorgverzekeraars, het ministerie en de politiek om dit onderzoek niet te gebruiken als aanleiding voor bezuinigingen of beleidswijzigingen, zonder dat er breed en zorgvuldig debat aan voorafgaat.

De vraag die wél relevant is: hoe zorgen we ervoor dat mensen sneller bij de meest passende ondersteuning terechtkomen? Hoe organiseren we de inzet van capaciteit in de ggz slimmer en effectiever? Juist de verbinding tussen huisartsenzorg, het sociaal domein en de gespecialiseerde ggz wordt daarin steeds belangrijker.

Daar zet de Amsterdamse Huisartsenalliantie zich dagelijks voor in: investeren in samenwerking, in passende ondersteuning en in de mentale gezondheid van inwoners.

Amsterdamse Huisartsenalliantie

Juni 2026